Wat als God dood is

DALLE 2024 05 14 22.05.43 tombstone GodDr. Frank Boll schreef een korte passende tekst voor Paaszondag. Om even bij stil te staan ...

Wat als God dood is

God is dood. Men heeft hem vermoord. En men beseft nog niet wat dat betekent. Aldus Friedrich Nietzsche in zijn “Die fröhliche Wissenschaft, la gaya scienza”, van 1882. Een aforisme, 100 jaar na het einde van de Verlichting.

De filosoof met de hamer, zoals Nietzsche werd genoemd, was waarschijnlijk een atheïst. Sommigen menen dat we die uitspraak derhalve niet letterlijk moeten nemen, maar eerder dienen te begrijpen als een metafoor voor een zorgwekkende evolutie in de maatschappij. Misschien wel, misschien niet. Maar dat doet er eigenlijk niet toe. Ook het verlichtingsidool Voltaire gaf toe bezorgd te zijn om zijn kok indien die misschien geen christen was en dus niet bang voor de hel. Wat zou die keukenchef dan weerhouden gif in zijn soep te draaien.

Het zo scherp stellen als de atheïst Voltaire hoeft niet. Om het kort te houden. Als de Verlichting de plaats van God inneemt, welke zijn dan de consequenties.

Kort na de Verlichting, na de Franse revolutie, na het eerste Franse keizerrijk (1804-1814), en na het Verdrag van Wenen (1815) dat in Europa de politieke status-quo ante herstelde, schreef Alexis de Tocqueville, na een reis in Amerika, twee boeken: “De la Démocratie en Amérique”. Daarin komt ook religie uitvoerig aan bod. Een halve eeuw voor Nietzsche gaf Tocqueville inhoud aan wat het verlies van godsdienst op termijn zou betekenen. En aan wat we nu ook vaststellen, een twee eeuwen later.

In twee hoofdstukken verwoordde hij zijn mening over godsdienst in de democratische regimes van Amerika en Europa.

Bij de Anglo-Amerikanen, aldus de Normandische edelman, belijden de enen de christelijke dogma’s omdat ze die geloven, en de anderen omdat ze willen vermijden dat anderen zouden denken dat ze er niet in geloven. Voor de Amerikanen is de christelijke religie de eerste van hun politieke instellingen.

Hij constateerde dat de verlichtingsfilosofen van de 18de eeuw meenden dat het geloof geleidelijk zou verzwakken. Ze waren ervan overtuigd dat de religieuze ijver zou stilvallen naarmate de vrijheid en de inzichten toenemen. Voor deze filosofen was het dan een ontgoocheling dat in Amerika de feiten niet strookten met deze theorie. Bij ons in Europa daarentegen gaan de godsdienst en de idee van vrijheid bijna altijd in tegenovergestelde richting. Maar in Amerika zijn die intiem met mekaar verbonden. Samen regeren ze op dezelfde bodem.

Tocqueville benadrukt dat religie slechts een bepaalde vorm van hoop is, en dus even natuurlijk voor de mens als de hoop zelf. Als de godsdienst zijn imperium over de zielen verloren heeft, lijkt alles twijfelachtig en onzeker in de morele wereld (boek I, 1835, deel 2, hoofdstuk IX).

Vijf jaar later vervolgt hij. In de eeuwen van ongeloof moet men vrezen dat de mensen dag in dag uit hun wensjes zullen najagen terwijl ze eraan verzaken ambities te realiseren die enkel na lange inspanningen worden verworven. Ze zullen dus niets groots bereiken of stichten. Het is maar wanneer men weerstand biedt aan de duizend kleine speciale passies van elke dag dat de algemene passie van geluk kan worden voldaan.

De godsdiensten bevorderen dat men zich gedraagt met het oog op de toekomst. Men bereikt maar blijvende en waardevolle resultaten wanneer dat moeite heeft gekost. Het is belangrijk dat zij die het land besturen dat doen met het oog op de toekomst (boek II, 1840, deel 2, hoofdstuk XVII).

Deze inzichten van een gezaghebbende criticus van de democratie trotseerden de tand des tijds. Of een 200 jaar. Een in de geschiedenis uitgesproken voorbeeld van sterk oordelingsvermogen.

Vandaag beleven we het resultaat van een halve eeuw versnelling in de omkering van zowat alle waarden die de Westerse beschaving tot een succesvolle synthese van Oosterse, Griekse, Romeinse en Christelijke waarden maakten. Met als symbolisch tijdstip de studentenrevolte in Frankrijk van mei 1968. En met als spilfiguur van dit “relativisme”, om niet te zeggen nihilisme, Jean-Paul Sartre (1905-1980), de kampioen van de “déconstruction”.

Basiswaarden gaan voor de bijl, zoals de vrije wil en de eigen verantwoordelijkheid, het gezin als de voornaamste microkosmos van een maatschappij, de arbeidsethos, de spaarneiging met het oog op de toekomst, economische en politieke concurrentie in het geordende kader van een werkende democratie, en de erkenning van excellentie.

Wij zijn net zoals de wereld om ons heen: de vrucht van het verleden. Aldus de Vlaamse auteur van “De Bourgondiërs”. Met het verleden als basis en voedingsbodem voor verdere ontwikkelingen, of “staan op de schouders van grote voorgangers en reuzen om beter gewapend de toekomst in te gaan”. Wie dat ontkent stort de mensheid in avonturen, zoals de vernietiging van de sporen van het verleden en de boetsering van een nieuwe mens. Of, het totalitaire communisme dat er in de 107 jaar van zijn bestaan in slaagde en blijft in slagen ellende, armoede, willekeur, terreur en dood te zaaien. Terwijl links zich quasi uitsluitend blijft concentreren op 12 jaar totalitair nazisme van driekwart eeuw geleden, een periode waarmee Duitsland in het reine is gekomen als geen andere oorlog-verliezende natie in de geschiedenis.  

De auteur van de wederwaardigheden van father Brown beschreef wat het verlies van godsdienst betekent: “Wanneer mensen ervoor gekozen hebben niet meer in God te geloven, dan wil dat niet zeggen dat ze in niets meer geloven. Maar het betekent wel dat ze dan in staat zijn eender wat te geloven.” Aldus de tot het katholicisme bekeerde Gilbert Keith Chesterton (1874-1936). Wat we nu meemaken met de woke-beweging. Of de inversie van zowat alle waarden die in onze beschaving zijn ingebed. Maar ondertussen baadt het huidige links-liberale paradijs in het Westen, rijk als nooit tevoren, in records of bijna-records qua dalende economische groei, fiscale deficits, schuldgraad, criminaliteit, georganiseerde misdaad, burnouts, langdurig zieken, achteruitgang van het onderwijs, en het gebruik van tranquillizers en drugs.   

Dr Frank Boll