Print

vwplendeblockNamens de fractie Vuye-Wouters stelde Kamerlid Veerle Wourters een schriftelijke vraag aan defensieminister Vandeput. Het antwoord van de heer minister was volkomen correct. Het was echter het antwoord op een vraag die mevrouw Wouters niet gesteld had.

 

 

De vraag van Kamerlid Veerle Wouters:

De controle op de software van de F-35.

In de media verschijnen alarmerende berichten over de controle op de software van de F-35. Zo schrijft Gerard De Beuckelaer: "De leverancier, Lockheed Martin, en de US-overheid behouden in ieder geval de controle over de software die alies in en om het toestel stuurt (ook het onderhoud). We zijn dus voor iedere operatie van de ondersteuning of loch minstens toestemming van de USA afhankelijk. Misschien is deze opgave van onze soevereiniteit voor sommigen een acceptabele regeling, maar ze moet dan zichtbaar op tafel komen en open besproken worden" (zie: https:llwww. vrt.belvrtnwslnl/2018/04/08/vliegtuigenl).

  1. Wat staat er hieromtrent in de licentieovereenkomst of andere overeenkomst met betrekking tot de F-35? Kan u de passages hieromtrent bezorgen?
  2. Blijft het mogelijk om soeverein acties te ondernemen?
  3. Zijn beslissingen op een of andere manier afhankelijk, rechtstreeks of onrechtstreeks, van een toestemming van een ander land of een ander bedrijf?

Het antwoord van Minister Steven Vandeput:

Het geachte Lid gelieve hierna het antwoord te L'honorable Membre est priee de trouver ci­ willen vinden op de door haar gestelde vragen. apres la reponse a ses questions.

  1. I. Het geachte lid verwijst naar een artikel dat door de VRT terecht als  !outer  'opinie' wordt voorgesteld. De aangehaalde argumenten zijn      bijgevolg  enkel voor rekening van de auteur.

Defensie heeft met de RfGP niet om de broncode (source code) van de software van de nieuwe vliegtuigen gevraagd. Defensie heeft in het verleden nooit over een dergelijke broncode beschikt voor haar gevechtsvliegtuigen, ook niet voor de F-16. Het is enkel wanneer men zelf gevechtsvliegtuigen wil  kunnen modificeren of ontwikkelen dat men over de broncode dient te beschikken. Dit is niet de betrachting van Defensie.

  1. Zoals onze ervaring met F-16 toont, hoeft men niet over de broncode te beschikken om op soevereine wijze gevechtsvliegtuigen te kunnen inzetten. De RfGP benadrukt trouwens dat de Defensie op zelfstandige wijze de eigenlijke inwerkingsstelling van haar vliegtuigen moet kunnen verzekeren.

Wat de ondersteuning op langere termijn 3. betreft, is een zekere mate van afhankelijkheid van de weerhouden partner­ overheid en industrie onvermijdelijk. Het is vandaag de dag met de F-16 niet anders. Tenzij men zelf zijn gevechtsvliegtuigen evenals alle benodigde operationele en technische ondersteuning ontwikkelt en produceert, dient men zich voor een dergelijke capaciteit nu eenmaal in  te schrijven  in  een  strategisch  partenariaat zoals gevraagd met de  RfGP.  Die  RfGP hecht dan ook veel belang aan het formaliseren van een bilateraal akkoord aangaande een lange termijn partenariaat.